| Werkzame personen | Opslag (aantal) | Opslag (%) | Laad-, los- en overslagbedrijven (aantal) | Laad-, los- en overslagbedrijven (%) |
|---|---|---|---|---|
| 1 persoon | 715 | 57% | 1.050 | 83% |
| 2 personen | 125 | 10% | 45 | 3,6% |
| 3–4 personen | 65 | 5,2% | 25 | 2% |
| 5–9 personen | 100 | 8% | 35 | 2,8% |
| 10–19 personen | 80 | 6,4% | 30 | 2,4% |
| 20–49 personen | 75 | 6% | 30 | 2,4% |
| 50–99 personen | 40 | 3,2% | 15 | 1,2% |
| 100+ personen | 55 | 4,4% | 30 | 2,4% |
Bron CBS, StatLine 81589NED, SBI 2008. Een Nederlands bedrijf kan meerdere vestigingen omvatten. Percentages en grenzen zijn benaderingen op afgeronde aantallen. Januari 2024 is definitief, 2025 nader voorlopig en 2026 voorlopig. De vergelijkingsbranches zijn niet opgeteld.
Kies een vergelijkbare eenheid voor twee verschillende aantallen
In opslag werkte bij 715 bedrijven één persoon. Bij laad-, los- en overslagbedrijven zijn dat er 1.050. Omgerekend per honderd bedrijven verandert de vergelijking in 57 tegenover 83. Kijk vervolgens naar drie of vier werkzame personen. In de eerste branche ligt hun aandeel rond 5,2% en in de tweede rond 2%. De relatieve verdeling maakt een kleinere bedrijfstak vergelijkbaar, zonder hem in aantallen groter te laten lijken dan hij is. Gebruik in je aantekeningen zowel de aantallen als de percentages.
Heeft de keuze voor een peildatum veel invloed?
Een jaar eerder telde opslag 1.235 bedrijven en laad-, los- en overslagbedrijven 1.185. De verandering in het totale aantal is respectievelijk +1,6% en +6,8%. Voor de categorie met vijf tot en met negen personen veranderden de groepen van 90 naar 100 en van 40 naar 35. Staar je daarom niet blind op het totaalcijfer als je juist een ploeg van die omvang zou willen aansturen. Vraag bij beide richtingen een concrete beschrijving van een drukke dag én van de nazorg voor een afgeronde levering.
Welke vergelijkingsbranche ligt het dichtst bij opslag?
De vergelijking draait om de maatstaf ‘aandeel bedrijven met vijf tot en met negen werkzame personen’. Hiervoor staan 6 activiteiten uit hoofdtak 52 naast elkaar. Het laagste resultaat komt voor rekening van dienstverlening voor landvervoer (1,3%), het hoogste voor tussenpersonen in vrachtvervoer (8,4%). Bij 4 van de onderzochte activiteiten ligt de waarde lager dan 8% en bij 1 hoger. Met 8,4% komt tussenpersonen in vrachtvervoer het meest in de buurt van opslag. Kies je uitsluitend op het totale bedrijfsaantal, dan kom je uit bij laad-, los- en overslagbedrijven met 1.265 bedrijven. Selecteer je op de gemeten verdeling, dan is tussenpersonen in vrachtvervoer met 8,4% de nadere vergelijking.
Wat veranderde er tussen januari 2022 en januari 2024?
Binnen de geselecteerde januarimetingen lag de sterkste verschuiving per jaar voor SBI 5210 tussen januari 2022 en januari 2024. De uitkomst ging van 8,3% naar 7,4%. Over 2 jaar is het verschil -0,9 procentpunt, of gemiddeld -0,5 procentpunt per jaar. Bij laad-, los- en overslagbedrijven ging dezelfde maatstaf over die twee peildata van 4,5% naar 3,6%. De verandering van het totaal tussen oktober 2025 en oktober 2026 bedroeg +20 bedrijven. De telling van bedrijven met vijf tot en met negen mensen verschoof tegelijkertijd met +10. Daardoor veranderde de gekozen maatstaf van 7,3% naar 8%.
Kijk bij opslag naar een ploeg die bij het laadpunt moet wachten en zet in je tweede gesprek juist een afleveradres waar niemand opendoet centraal. In het eerste geval kan je eigen rol vooral uit plannen, overdragen en aftekenen bestaan. In het tweede breng je plannen, overdragen en aftekenen in kaart. Vraag bij tussenpersonen in vrachtvervoer naar een voorbeeld met vergelijkbare taakverdeling voordat je concludeert dat de twee ondernemersrichtingen eenzelfde werkweek vragen.
Vragen voor het vervolg
- Welke onderdelen van een rit of levering neem je persoonlijk voor je rekening?
- Welk cijfer voor SBI 5210 zou je zelf opnieuw willen berekenen?
- Welke waarneming bij laad-, los- en overslagbedrijven is relevant voor jouw eigen plan?
Bronnen
Welke keuze verdient nader onderzoek?
Leg je vraag over opslag voor. Vermeld welke grootteklasse en welke werkdag je in gedachten hebt.
