| Werkzame personen | Verhuur van overige woonruimte (aantal) | Verhuur van overige woonruimte (%) | Woningbouwverenigingen (aantal) | Woningbouwverenigingen (%) |
|---|---|---|---|---|
| 1 persoon | 1.245 | 74,6% | 55 | 15,9% |
| 2 personen | 270 | 16,2% | 5 | 1,4% |
| 3–4 personen | 95 | 5,7% | 10 | 2,9% |
| 5–9 personen | 35 | 2,1% | 25 | 7,2% |
| 10–19 personen | 20 | 1,2% | 30 | 8,7% |
| 20–49 personen | 5 | 0,3% | 60 | 17,4% |
| 50–99 personen | 5 | 0,3% | 70 | 20,3% |
| 100+ personen | 0 | 0% | 90 | 26,1% |
Bron CBS, StatLine 81589NED, SBI 2008. Een Nederlands bedrijf kan meerdere vestigingen omvatten. Percentages en grenzen zijn benaderingen op afgeronde aantallen. Januari 2024 is definitief, 2025 nader voorlopig en 2026 voorlopig. De vergelijkingsbranches zijn niet opgeteld.
Kies een vergelijkbare eenheid voor twee verschillende aantallen
In verhuur van overige woonruimte werkte bij 1.245 bedrijven één persoon. Bij woningbouwverenigingen zijn dat er 55. Omgerekend per honderd bedrijven verandert de vergelijking in 74,6 tegenover 15,9. Kijk vervolgens naar drie of vier werkzame personen. In de eerste branche ligt hun aandeel rond 5,7% en in de tweede rond 2,9%. De relatieve verdeling maakt een kleinere bedrijfstak vergelijkbaar, zonder hem in aantallen groter te laten lijken dan hij is. Gebruik in je aantekeningen zowel de aantallen als de percentages.
Heeft de keuze voor een peildatum veel invloed?
Een jaar eerder telde verhuur van overige woonruimte 1.565 bedrijven en woningbouwverenigingen 345. De verandering in het totale aantal is respectievelijk +6,7% en 0%. Voor de categorie met vijf tot en met negen personen veranderden de groepen van 35 naar 35 en van 15 naar 25. Staar je daarom niet blind op het totaalcijfer als je juist een ploeg van die omvang zou willen aansturen. Vraag bij beide richtingen een concrete beschrijving van een drukke dag én van de nazorg voor een geaccepteerd advies of resultaat.
Welke vergelijkingsbranche ligt het dichtst bij verhuur van overige woonruimte?
De vergelijking draait om de maatstaf ‘aandeel bedrijven met vijf tot en met negen werkzame personen’. Hiervoor staan 6 activiteiten uit hoofdtak 68 naast elkaar. Het laagste resultaat komt voor rekening van handel in eigen onroerend goed (0,9%), het hoogste voor woningbouwverenigingen (7,2%). Bij 3 van de onderzochte activiteiten ligt de waarde lager dan 2,1% en bij 2 hoger. Met 1,8% komt beheer van onroerend goed het meest in de buurt van verhuur van overige woonruimte. Kies je uitsluitend op het totale bedrijfsaantal, dan kom je uit bij woningbouwverenigingen met 345 bedrijven. Selecteer je op de gemeten verdeling, dan is beheer van onroerend goed met 1,8% de nadere vergelijking.
Wat veranderde er tussen januari 2024 en januari 2025?
Binnen de geselecteerde januarimetingen lag de sterkste verschuiving per jaar voor SBI 68203 tussen januari 2024 en januari 2025. De uitkomst ging van 3,4% naar 2,6%. Over één jaar is het verschil -0,8 procentpunt, of gemiddeld -0,8 procentpunt per jaar. Bij woningbouwverenigingen ging dezelfde maatstaf over die twee peildata van 5,7% naar 5,8%. De telling van bedrijven met vijf tot en met negen mensen bleef tussen oktober 2025 en oktober 2026 afgerond op 35. Tegelijk ging het totaal van 1.565 naar 1.670. Een wijzigend aandeel kan dus ook uit de omvang van de overige groepen komen.
Kijk bij verhuur van overige woonruimte naar een vraag die direct specialistische uitleg vergt en zet in je tweede gesprek juist een ontbrekend stuk in een dossier centraal. In het eerste geval kan je eigen rol vooral uit inventariseren, uitwerken en terugkoppelen bestaan. In het tweede breng je inventariseren, uitwerken en terugkoppelen in kaart. Vraag bij beheer van onroerend goed naar een voorbeeld met vergelijkbare taakverdeling voordat je concludeert dat de twee ondernemersrichtingen eenzelfde werkweek vragen.
Vragen voor het vervolg
- Welke onderdelen van een klantdossier neem je persoonlijk voor je rekening?
- Welk cijfer voor SBI 68203 zou je zelf opnieuw willen berekenen?
- Welke waarneming bij woningbouwverenigingen is relevant voor jouw eigen plan?
Bronnen
Welke keuze verdient nader onderzoek?
Leg je vraag over verhuur van overige woonruimte voor. Vermeld welke grootteklasse en welke werkdag je in gedachten hebt.
